Ken de vaarregels

De vaarregels vind je in hoofdstuk 6 van het Binnenvaartpolitiereglement. We hebben ze in algemene zin voor je op een rij gezet.

De vaarregels en tips op een rij

  • Houd op het vaarwater zoveel mogelijk stuurboordwal (rechterkant) aan. Ook binnen de betonde vaargeul

  • Houd het midden van drukke vaarroutes vrij voor grote schepen. Laveer daar niet

  • Pas je koers en snelheid tijdig aan wanneer je voorrang verleent aan een ander schip. Laat goed zien welke koers je vaart en geef elkaar de ruimte om te manoeuvreren. Verander niet plotseling van koers en snelheid

  • Zorg dat je rondom goed zicht hebt en kijk regelmatig achterom

  • Gebruik op tijd de juiste navigatieverlichting

  • Wees alert op hinderlijke golfslag of zuiging van je schip. Minder tijdig vaart. Voorkom zo gevaarlijke situaties en schade aan andere schepen

  • Een klein schip moet op zijn motor een snelheid van minstens 6 km per uur kunnen behalen op grote wateren, rivieren en kanalen. Daar varen immers ook de binnenvaart en zeevaart

  • Voor de Westerschelde geldt een aanvullende algemene regel. In smalle hoofdvaargeulen voor de zeevaart, zoals in het Nauw van Bath, de Bocht van Walsoorden en in de Sardijngeul en Oostgat voor Vlissingen en Zoutelande, moeten schepen tot 12 meter lengte zoveel mogelijk buiten de hoofdvaargeul varen

  • Grote schepen mogen in sommige situaties aan bakboordwal (aan de linkerkant) varen. Bijvoorbeeld om sterke stroming te ontwijken of bij het invaren van een haven. Grote schepen die aan bakboordwal varen, tonen een blauw bord met wit knipperlicht voor tegemoetkomende vaart. Dit betekent stuurboord op stuurboord passeren. Een klein schip passeert dus zoveel mogelijk aan de zijde van het blauwe bord. Uiteraard als de situatie zich daarvoor leent. Op de Westerschelde, het Kanaal van Gent naar Terneuzen en de Eemsmonding is het blauwe bord niet van toepassing

  • Anker alleen waar het veilig is. Niet bij bruggen, sluizen, werkschepen met uitstaande ankers en in het midden van een vaarwater

  • Ga alleen zwemmen waar het mag en veilig is. Zwemmen in gedeelten van de vaarweg bestemd voor de doorgaande vaart, bij bruggen, sluizen en wachtplaatsen is verboden

  • Waar visnetten zijn zie je meestal zwarte of gele vlaggetjes. Blijf daar uit de buurt

  • Je moet een vaarbewijs hebben als je een snelle motorboot bestuurt (kan sneller dan 20 km/u) of een niet snelvarende boot langer dan 15 meter

  • Vaar alcoholvrij, houd je kop erbij! De wettelijke grens op het water is 0,5 promille
       
    Bekijk hierboven de vijf filmpjes over vaarregels.

Meer informatie:


 

© 2016 Varen doe je Samen!  |  Disclaimer