Veelgestelde vragen

Schoon water/toiletlozing

Waarom mag ik niet mijn toiletwater lozen vanaf mijn boot?

Om de gezondheid van zwemmers en anderen die in direct contact met oppervlaktewater komen (zoals duikers en zeilers in open boten) te beschermen tegen de ziekmakende micro-organismen die in feces (uitwerpselen ofwel poep) aanwezig zijn.

Mag urine geloosd worden in het oppervlaktewater?

Ja, urine mag geloosd worden in het oppervlaktewater.

Waarom mag ik niet mijn toiletwater lozen en professionele vaart wel?

Ook bij de beroeps- en chartervaart is er sprake van wijziging van de regels voor lozingen van ongezuiverd toiletwater. Een zuiveringsplicht geldt nu voor vaartuigen voor meer dan 49 passagiers, en deze gaat in 2030 gelden voor vaartuigen voor meer dan 12 passagiers. Ter voorbereiding op deze wijziging van de regels zijn er in Friesland inzamelpunten voor de rondvaart en chartervaart aangelegd. Daarnaast zijn er in Nederland veel meer pleziervaartuigen dan beroeps- en chartervaartuigen en varen pleziervaartuigen meer in de wateren waar in het oppervlaktewater gezwommen wordt.

Ik heb een toilet aan boord: wat mag ik wel en niet doorspoelen in het oppervlaktewater?

Alleen als er een spoeltoilet aan boord is waarmee uitsluitend urine geloosd kan worden, mag dit mengsel van urine en spoelwater zonder zuivering geloosd worden. Andere uitwerpselen mogen niet doorgespoeld worden.

Waar mag ik nog wél op het oppervlaktewater lozen?

Zodra je niet meer op de Nederlandse binnenwateren bent, mag je op het oppervlaktewater lozen. Het Nederlandse binnenwater loopt tot de laagwaterlijn langs de kust. De begrenzing van het Nederlandse binnenwater loopt vlak langs de Nederlandse kust en vervolgens langs de Waddeneilanden, aan de kant waar de Waddeneilanden grenzen aan de Noordzee. Buiten deze grens is er geen sprake van binnenwater en hier mag geloosd worden.

Wat zijn de alternatieven voor een pomptoilet?

Alternatieven voor een pomptoilet zijn het droogtoilet, compost toilet, chemisch toilet, urinoir of doorgaand gebruik van pomptoilet samen met installatie van een vuilwatertank. Een makkelijk voorbeeld van een droogtoilet is wanneer je gebruik maakt van een opvangzak in je bestaande toilet die geur absorbeert en vloeistof omzet in vaste gel, dit zakje kan daarna bij het huisvuil. Dit is een oplossing die voor vrijwel alle bestaande toiletten als alternatief gebruikt kan worden. Maar je kunt ook kiezen voor installatie van een vuilwatertank of een speciaal droogtoilet of composttoilet voor aan boord en ook een chemisch toilet is een alternatief.

Hoe werkt een droogtoilet/composttoilet?

Een voorbeeld van een droogtoilet is een zakje dat je in een bestaand toilet (of in een emmer) kunt hangen om de ontlasting in op te vangen. Een gelei, poeder of gel (afhankelijk van het systeem en merk) zet de uitgescheiden vloeistof om in een vaste substantie. Het zakje kan daarna bij het huisvuil. Daarnaast bestaan er ook speciale droogtoilet adapters voor het bestaande pomptoilet en zijn speciale composttoiletten en droogtoiletten ontwikkeld voor gebruik aan boord. Hierbij is de werking van droogtoilet en composttoilet vrij gelijk en word urine gescheiden van andere ontlasting. De urine kan opgevangen worden in een bak en geleegd of de urineslang kan bevestigd worden aan bestaande leiding naar het oppervlakte water. De overige ontlasting wordt opgevangen in een aparte zak in een droogbak en deze kan vervolgens weggegooid worden in het restafval (droogtoilet) of GFT bak (composttoilet).

Wat kost een droogtoilet of composttoilet?

De eenvoudigste vorm is het zakje voor in een bestaand toilet en deze kosten ca 1 euro per zakje. De complete droogtoiletten/composttoiletten die aan boord geïnstalleerd worden variëren erg in prijs, maar worden aangeboden vanaf 500€.

Hoe werkt een chemisch toilet met cassette?

Een chemisch toilet heeft een zitgedeelte met toiletbril en deksel, een reservoir voor spoelwater rondom de pot en een afvaltank. Er is keuze uit modellen met een handmatige spoeling en modellen met een elektrische spoeling. De afvaltank kan worden losgekoppeld om te worden geleegd bij een speciaal stortpunt voor chemische toiletten. Om stank, afzetting en verstopping te voorkomen, zijn aan het spoelwater en aan de afvaltank chemische middelen toegevoegd. Voor een chemisch toilet heb je geen wateraansluiting of -afvoer nodig.

Wat kost een chemisch toilet voor aan boord?

Vanaf circa 75 euro voor een eenvoudig draagbaar model, plus kosten voor het aanvullen van de chemicaliën.

Waar kan ik de cassette van mijn chemisch toilet legen?

Vrijwel elke haven en passantenhaven heeft de mogelijkheid deze cassette te legen.

Is het ingewikkeld om een pomptoilet te vervangen voor een chemisch of droog toilet?

Een chemisch toilet of droogtoilet/composttoilet is eenvoudig te plaatsen, omdat deze geen leidingen heeft die aangesloten moeten worden. Het pomptoilet verwijderen is vaak goed uitvoerbaar. Vergeet niet daarna de afsluiters buiten gebruik te stellen door ze te voorzien van een dop en de hendel eraf te halen. Beter is nog de afsluiters te laten verwijderen als het vaartuig op de wal staat.

Hoe werkt een toilet met vuilwatertank?

Het toilet werkt net zoals eerder met een buitenboord-lozing. De vuilwatertank vergt wel meer onderhoud om deze leeg te maken en te spoelen.

Wat kost het inbouwen van een vuilwatertank?

Dat is afhankelijk van het vaartuig. Aan materialen is men enkele honderden euro’s kwijt, maar de arbeid is erg afhankelijk van de ruimte en plaats in het vaartuig.

Waar kan ik terecht om mijn vuilwatertank leeg te pompen?

Alle jachthavens van meer dan 50 vaartuigen hebben de verplichting om een afzuiginstallatie te opereren. Havens mogen ook gezamenlijk een afzuiginstallatie aanbieden. Als er geen afzuiginstallatie is, vraag u dan de havenmeester bij welke haven u terecht kan.

Wat doe ik wanneer een vuilwaterstation niet werkt en waar meld ik dit?

Bij de havenmeester. Mocht dat uiteindelijk niet tot een goed werkend station leiden, dan is de Gemeente het formele handhavende Bevoegd Gezag.

Hoe werkt een zuiveringsinstallatie?

Uitwerpselen gaan vanaf het toilet naar een ingebouwde zuiveringsinstallatie, waar deze gezuiverd worden van zwart water naar grijs water, dit grijze water mag gewoon geloosd worden. Er zijn bacteriologische en niet-bacteriologische zuiveringssystemen bekend. Bij bacteriologische systemen worden bacteriën ingezet om de fecaliën af te breken. Deze systemen zorgen voor optimale condities voor de bacteriën. Niet bacteriologische systemen hebben andere eigenschappen, dat varieert van systeem tot systeem.

Moet ik verplicht mijn toiletwater zuiveren?

Het is niet verplicht het toiletwater van je pleziervaartuig te zuiveren, maar ongezuiverd toiletwater mag niet geloosd worden op de Nederlandse binnenwateren.

Wat kost een zuiveringsinstallatie?

De prijzen zijn nog niet bekend, er zijn nog geen systemen toegelaten op de Nederlandse markt.

Aan welke eisen moeten een zuiveringsinstallatie voldoen?

De leveranciers van deze systemen moeten aantonen dat ze de ziekmakende bacteriën in fecaliën teniet doen. En ze moeten aantonen dat ze na verloop van tijd betrouwbaar blijven. De systemen moeten zijn voorzien van een Type-goedkeuring, afgegeven door certificerende instanties (EMCI/DMI of DCI). Er zijn hiervoor wettelijke toelatingseisen en zuiveringsinstallaties die aan deze eisen voldoen zullen in de komende jaren op de markt komen.

Vanaf wanneer moet mijn toilet verzegeld zijn?

De invoeringsdatum van de verzegelingsplicht voor spoeltoiletten aan boord van recreatievaartuigen is nu nog niet exact bekend, momenteel wordt uitgegaan van zo’n 2 tot 3 jaar.

Op welke manier moet de doorvoer verzegeld worden?

Het gaat erom dat in de leiding tussen toilet/opvangreservoir en de huiddoorvoer een afsluiter aanwezig is, en dat deze in gesloten stand verzegeld is. Het zegel moet zodanig zijn aangebracht dat de afsluiter niet geopend kan worden zonder het zegel te verbreken. Meer details over de manier van verzegeling en de wijze waarop de zegels verstrekt zullen worden, ook in geval men van zee of uit het buitenland aankomt, volgen wanneer regels hierover zijn vastgelegd in de Omgevingsregeling.

Vanaf wanneer mag er aan boord gecontroleerd worden door bevoegd gezag?

Zodra de verzegelingsplicht in werking is. De invoeringsdatum hiervan is nu nog niet exact bekend, momenteel wordt uitgegaan van zo'n 2 tot 3 jaar.

Mag ik de controle aan boord weigeren als de verzegelingsplicht is ingegaan?

Zodra de verzegelingsplicht in werking is getreden, hebben handhavers het recht om de naleving van de voorschriften aan boord te controleren.

Mag ik vanaf een buitenlands schip wel lozen?

Buitenlandse recreatievaartuigen moeten aan dezelfde regels voldoen als Nederlandse recreatievaartuigen, ook wat toiletlozing betreft.

Welke regels gelden er in de landen om ons heen?

De landen om ons heen hebben andere regelgeving op gebied van lozen van toiletwater, kijk deze dus altijd goed na vóór je begint aan een reis naar het buitenland.

Hoe staat het met de aanpak van lozingen door de beroepsvaart?

Voor hotel- en passagiersschepen die geschikt zijn voor meer dan 50 passagiers geldt sinds 2009 een lozingsverbod van huishoudelijk afvalwater. Dit staat in het “Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en Binnenvaart” (CDNI-verdrag). Het CDNI-verdrag voor de beroepsvaart gaat daarin verder dan het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi) en het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) voor pleziervaart.

Voor de beroepsvaart gaat het om al het afvalwater uit keukens, eetruimten, wasruimten en bijkeukens én toiletwater. Ook is voor deze schepen voorgeschreven dat zij moeten beschikken over een verzameltank voor huishoudelijk afvalwater of een boordzuiveringsinstallatie. Alternatieven zijn niet mogelijk. De installaties op deze schepen laat men via het certificaat van onderzoek (CVO) iedere zeven jaar controleren op hun werking.

De landen die binnen Europa het CDNI-verdrag hebben ondertekend, hebben in 2021 besloten om het lozingsverbod voor hotel- en passagiersschepen per 1 januari 2025 uit te breiden. Het lozingsverbod van huishoudelijk afvalwater geldt dan ook voor hotel- en passagiersschepen die geschikt zijn voor meer dan 12 passagiers. Dit verbod geldt dan voor schepen zoals riviercruise- en hotelschepen, dagtochtschepen, charterschepen en rondvaartboten. Het verbod zal op 1 januari 2025 in werking treden.

Het lozingsverbod geldt in eerste instantie uitsluitend voor passagiersschepen die na 30 december 2008 in de vaart zijn genomen. Passagiersschepen die voor 30 december 2008 in bedrijf werden genomen en uitsluitend buiten de Rijn varen, krijgen te maken met tijdelijke overgangsbepalingen. 

Deze overgangsbepaling eindigt voor alle passagiersschepen vanaf 2030. Wat inhoudt dat deze passagiersschepen vanaf 2030 bij de verlenging van hun binnenschipcertificaat voorzien moeten zijn van verzameltanks voor huishoudelijk afvalwater of van een boordzuiveringsinstallatie (artikel 19.14 van de Europese standaard tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen – ES-TRIN). Dan geldt het lozingsverbod ook voor deze groep.

De algemene uitzondering voor passagiersschepen zal vanaf 2030 dus niet langer van toepassing zijn in de gebieden waar het CDNI-verdrag geldt. Daarmee zullen uiterlijk in 2037 alle passagiersschepen voor meer dan 12 passagiers geen huishoudelijk afvalwater meer lozen. Het CDNI-verdrag is van toepassing op de hele Rijn en op alle binnenvaarwegen in Nederland, Duitsland, België en Zwitserland en tevens op de internationale Moezel in Luxemburg en Frankrijk.


Vaarbewijs

Wanneer moet je het Klein Vaarbewijs hebben?

Het Klein Vaarbewijs is verplicht voor:

  • pleziervaartuigen met een lengte van 15 tot 25 meter
  • motorboten korter dan 15 meter, die sneller kunnen dan 20 kilometer per uur door het water, hieronder vallen ook jetski’s en andere typen waterscooters
  • bepaalde schepen die bedrijfsmatig gebruikt worden met een lengte tussen de 15 en 20 meter.

Wanneer heb ik het Klein Vaarbewijs I nodig (KVB1)?

Voor het varen op rivieren, kanalen en meren, met uitzondering van de Westerschelde, de Oosterschelde, het IJsselmeer (incl. Markermeer en IJmeer), de Waddenzee, de Eems en de Dollard.

Wanneer heb ik het Klein Vaarbewijs II nodig (KVB2)?

Voor het varen op alle binnenwateren, dus inclusief de Westerschelde, de Oosterschelde, het IJsselmeer (incl. Markermeer en IJmeer), de Waddenzee, de Eems en de Dollard. Voor een KVB2 moet je zowel slagen voor het examen KVB1 als voor het examen KVB2.

Hoe haal ik een vaarbewijs?

Een vaarbewijs haal je door examen te doen bij het CBR.

Waar kan ik examen vaarbewijs doen?

Er zijn twintig examenlocaties van CBR, zie voor een overzicht de website met CBR examenlocaties voor recreatievaart.

Hoe kan ik me inschrijven om examen te doen?

Inschrijven voor het examen kan op de website van CBR.

Hoe oud moet je zijn om je vaarbewijs te kunnen halen?

Voor het doen van het examen geldt geen minimum leeftijd. Om een vaarbewijs te krijgen moet je minimaal 18 jaar zijn en moet je voldoen aan de medische eisen voor de binnenvaart.

Hoe lang is mijn Klein Vaarbewijs geldig?

Een Klein Vaarbewijs is je hele leven lang geldig. Het is ook het daarbij behorende Internationaal Vaarbewijs, het ICC, dat in veel Europese landen wordt verlangd.

Wanneer weet je of je bent geslaagd voor het examen?

Direct na afloop van het examen krijg je de uitslag.

Wanneer krijg je je vaarbewijs, als je bent geslaagd voor je examen?

Na het examen krijg je het Vaarbewijs binnen 5-10 werkdagen thuisgestuurd

Waar vind ik lesmateriaal of een cursus ter voorbereiding op het examen?

Je kunt je via zelfstudie voorbereiden. Of misschien volg je liever een cursus via internet of via een vaarschool. Dat is vooral een persoonlijke voorkeur. Op de website van CBR vind je tips en struikelblokken.


Vaarregels

Wat zijn de belangrijkste vaarregels?

Om het op de vaarwegen veilig te laten verlopen zijn er, net zoals op de weg, (verkeers)regels. De vaarregels zijn vastgelegd in enkele reglementen, o.a. het BPR (Binnenvaart Politie Reglement) en het RPR (Rijnvaart Politie Reglement). Het is aan te raden deze reglementen door te lezen voordat je gaat varen. Voor je gemak hebben we de vijf belangrijkste vaarregels voor je op een rijtje gezet.

Is er een overzicht van de vaarregels en vaartips?

Ja, ‘Varen doe je Samen!’ heeft een handige ‘Vaarbewaarkaart’ ontwikkeld met een overzicht van de belangrijkste vaarregels, verkeerstekens, seinen, lichten, betonning en vaartips. De kaart is gratis te downloaden via de website en wordt uitgedeeld op beurzen en voorlichtingsavonden. Download en bekijk de Vaarbewaarkaart.

Welke vaarregels gelden er op de Nederlandse binnenwateren?

De vaarregels die gelden op de Nederlandse binnenwateren staan in een aantal reglementen beschreven. Deze vind je hier: Regelgeving op de vaarwegen Op de website van 'Varen doe je Samen!' vind je een uitleg van de verschillende vaarregels, gebruik hiervoor de zoekfunctie.

Wat is de werkingssfeer van het BPR?

Het Binnenvaart Politie Reglement is van toepassing voor de meeste binnenvaarwegen in Nederland. Zie Regelgeving op de vaarwegen voor het toepassingsgebied BPR.

Wat is de werkingssfeer van het RPR?

Het Rijnvaart Politie Reglement is van toepassing voor varen op de Rijn, de Waal, Het Pannerdensch Kanaal en op de Lek. Zie Regelgeving op de vaarwegen voor het toepassingsgebied RPR.


Stewards op de sluizen

Waar en wanneer zet Rijkswaterstaat stewards in?

Met Hemelvaart en Pinksteren en tussen 4 juli en 30 augustus zet Rijkswaterstaat stewards in op 9 sluizen. Bekijk hier de locaties. De inzetperiode is onder meer afhankelijk van de vakantiespreiding en werkzaamheden op de sluizen.

Waarom zet Rijkswaterstaat stewards in?

Stewards helpen minder ervaren recreanten om onbekende of moeilijke sluizen vlot en veilig te passeren. Vaarweggebruikers (met name recreanten) hebben bij Rijkswaterstaat aangegeven dat zichtbare en extra aanwezigheid van Rijkswaterstaat op de sluizen op drukke momenten gewenst is.

De aanwezigheid van stewards draagt bij aan het veiligheidsgevoel en het vaarplezier. Een steward helpt om de vaarweggebruikers vlot, veilig en plezierig de sluis te laten passeren.

Wat doen stewards op de sluis?

De steward fungeert als een verlengstuk van de sluismeester. Hij/zij ondersteunt de recreanten tijdens het passeren van de sluis:

  • geeft instructies van de sluismeester door, bijvoorbeeld over de volgorde van invaren en het plaatsnemen in de kolk
  • neemt lijnen aan en gooit ze los
  • beantwoordt vragen, deelt foldermateriaal uit, geeft informatie over vaargebied en omgeving van de sluis, en verwijst naar de landelijke informatielijn van Rijkswaterstaat (0800-8002)

Hoe passeer je veilig een sluis?

Het passeren van sluizen vraagt extra aandacht. Zowel beroeps- als recreatieschippers moeten bij een sluis binnen een beperkte ruimte manoeuvreren. Dat vereist oplettendheid en communicatie met elkaar en met de sluismeesters. Het is zaak rekening met elkaar te houden, zodat de sluispassage vlot en veilig verloopt. Meer informatie in het Kenniscentrum: Vlot en veilig door brug en sluis.


Ongevallen

Hoe worden ongevallen in de scheepvaart geregistreerd?

In de landelijkescheepsongevallen (SOS) database worden meldingen van scheepvaartongevallen door politie- en inspectiediensten en vaarwegbeheerders geregistreerd. Deze database is bij Rijkswaterstaat in beheer.

Waar kan ik informatie vinden over ongevallen in de recreatievaart?

‘Varen doe je Samen!’ (VDJS) heeft de in de landelijke scheepsongevallendatabase (SOS database) geregistreerde ongevallen waarbij recreatievaart is betrokken onderzocht om meer inzicht te krijgen in de oorzaken van deze ongevallen. Nader geanalyseerd zijn de significante scheepvaartongevallen op de Nederlandse binnenwateren met recreatievaart die van 2004 tot en met 2013 in de SOS database zijn geregistreerd. Bekijk het persbericht en de rapportage.

Waar kan ik informatie vinden over scheepsongevallen in 2018?

‘Varen doe je Samen!’ (VDJS) heeft de informatie van het persbericht van RWS hierover op haar website geplaatst. Bekijk het artikel over de scheepsongevallen in 2018.


Antifouling

Waarom is antifouling milieuonvriendelijk?

Antifouling is verf die ervoor zorgt dat er geen wieren, algen en mosselen aan de onderzijde van een boot kunnen groeien wanneer die in het water ligt. De koperverbinding (biocide) in de verf zorgt hiervoor. De biociden in antifouling werken niet alleen tegen aangroei op het schip, maar belanden ook in het water. Dit is belastend voor het watermilieu. Ook (zelfslijpende) biocidevrije coatings die wel zink bevatten, zijn milieuonvriendelijk. In veel oppervlaktewateren in Nederland zijn de concentraties van de metalen koper en zink hoger dan de wettelijke normen, onder andere door antifouling.

Bestaat er een milieuvriendelijk alternatief voor antifouling?

Ja, maar let op dat er geen zink in zit. Zink is officieel geen antifouling, maar is net als antifouling milieubelastend. Check het etiket op de vermelding van zink(oxide), en let op termen als ‘zelfslijpend’, ‘eroderend’ of ‘polijstend’.

Als uw vaargedrag, ligplaats en vaargebied het toelaten, is harde verf (foul release – of non-stick coating) een alternatief. Deze coating vergemakkelijkt het schoonmaken van de onderkant van het schip zodat die zonder schade kan worden geborsteld. Soms is dat wel een flinke klus die regelmatig tijdens het seizoen herhaald moet worden. Het voordeel van deze harde verf is, dat hij niet elk jaar opnieuw aangebracht hoeft te worden.

Een nieuw alternatief voor verf of coating is een zelfklevende folie met kleine stekeltjes erop (3 mm lang). Schelpen en wat grotere algen kunnen zich daar niet aan vasthouden. De folie is in aanschaf duurder dan antifouling coating, maar doordat hij minimaal 5 jaar meegaat is de prijs vergelijkbaar. De folie moet door een bedrijf aangebracht worden. Er zijn verschillende systemen op de markt. Gebruik de zoekterm ‘antifouling folie’ om een bedrijf te vinden.

Hoe weet ik of de laag antifouling nog werkt en er geen nieuwe op moet smeren?

Bekijk na afloop van het vaarseizoen of het nodig is om een nieuwe laag antifouling aan te brengen. Als je weinig aangroei van de onderkant van je boot af hoefde te halen, kun je uitproberen of de laag nog een jaar mee kan. Check hierbij ook het advies van de fabrikant.

Waar vind ik meer informatie over antifouling?

Milieu Centraal: https://www.milieucentraal.nl/in-en-om-het-huis/klussen/antifouling-tips-voor-milieuvriendelijk-bootonderhoud/
Varen doe je Samen: https://www.varendoejesamen.nl/antifouling


Reisvoorbereiding

Heb ik genoeg aan een navigatie app op mijn smartphone/tablet als ik ga varen?

Een goede mobiele app om te navigeren op het water kan erg makkelijk zijn bij het varen. Toch is het raadzaam om, zeker als je op groter water gaat varen, ook een papieren kaart aan boord te hebben. Let er ook op dat digitale kaarten (in een smartphone-app bijvoorbeeld) niet automatisch up-to-date zijn. Lees ook het artikel over digitale- versus papieren kaarten.

Is een almanak verplicht aan boord?

Nee. Wel is het verplicht om een exemplaar van het BPR aan boord te hebben. In de Watersport Almanak 1 van de ANWB is dit opgenomen. Dus als je die aan boord hebt, heb je niet een apart BPR-exemplaar nodig. In de Almanak 2 van de ANWB zijn gegevens opgenomen van jachthavens, bedieningstijden van bruggen en sluizen. Onmisbaar en heel handig aan boord, maar niet verplicht. Lees ook het artikel over goede reisvoorbereiding.

Waar moet ik op letten als ik een vaartocht plan?

De planning van je tocht hangt erg af van het vaarwater waar je wilt gaan varen. Als je met een open boot op een plas wil gaan varen vergt dit andere kennis, vaardigheden en planning dan wanneer je op groot vaarwater gaat varen, of op water waar ook veel beroepsvaart aanwezig is. Het is altijd verstandig om een gedegen vaarplan te maken voor je tocht. 

Enkele belangrijke zaken zijn: 

  • Check het weerbericht 
  • Plan je route met behulp van de waterkaart/almanak en bereid je navigatie voor. 
  • Check of er stremmingen of bijzonderheden zijn op je tocht op vaarweginformatie.nl 
  • Check de VDJS-knooppunten die je wellicht passeert.

Lees ook het artikel over goede reisvoorbereiding, inclusief een voorbeeld van een reisplan.

Wat zijn de ‘Varen doe je Samen!’ knooppunten?

De Varen doe je Samen! (VDJS) knooppunten zijn drukke vaarweg locaties, vooral waar recreatie- en beroepsvaart elkaar tegenkomen. ‘Varen doe je Samen!’ heeft deze knooppunten in heel Nederland in kaart gebracht en ze uitgebreid beschreven. Er zijn overzichtelijke kaartjes met aanbevolen vaarroutes aangegeven, er wordt informatie gegeven over marifoonkanalen, bijzondere bepalingen en meer. De VDJS-knooppunten zijn ook verwerkt in de gangbare digitale navigatieprogramma’s die op de markt zijn. Ook zijn ze te bekijken en als pdf te downloaden via de website, die ook volledig werkt op je mobiele telefoon. Bekijk de Varen doe je Samen! knooppunten.

Waar kan ik actuele vaarwerginformatie over stremmingen vinden?

Op de website Vaarweginformatie.nl is alle actuele informatie over de beschikbaarheid van de vaarweg te vinden. Bijvoorbeeld over wijzigingen in bedieningstijden van bruggen en sluizen, geplande en ongeplande hinder, stremmingen en werkzaamheden. Daarnaast is statische informatie beschikbaar, zoals reguliere bedientijden van Nederlandse bruggen en sluizen en ENC’s (Electronical Navigational Charts). Ook vind je op deze portal informatie over waterstanden, ijsgang en zwemwater. De gegevens op deze site zijn afkomstig van verschillende vaarwegbeheerders. De Waterkamer van Rijkswaterstaat verzamelt en verwerkt deze gegevens.


Staande Mast Route

Wat is de Staande Mast Route (SMR)

De Staande Mast Route is een veilige en vlotte doorgaande route voor zeil- en motorboten met een mast- of opbouwhoogte van meer dan 6 meter die je in staat stelt om van de Deltawateren tot het IJsselmeergebied, Friesland en Groningen te varen via de binnenwateren. Varen doe je Samen! heeft enkele brochures waarin de hele route beschreven wordt, inclusief diverse kaartjes van de route. Ook op de website vind je alles over de Staande Mast Route, inclusief een handige interactieve kaart met knooppunten.

Kan ik de Staande Mast Route varen in 24 uur?

De belangrijkste passage van de Staande Mast Route, van het Hollandsch Diep, ingang Dordtsche Kil, t/m de nachtelijke passage door Amsterdam, kun je varen in 24 uur. Dan moet je wel doorvaren, er zijn bepaalde (spoor) bruggen, die weinig draaien. Deze brugdraaiingen moet je wel halen om het in een etmaal te varen. Meer informatie over belangrijke vertrekpunten en bedieningstijden vind je op de informatiepagina over de Staande Mast Route.


Uitrusting

Wat heb ik nodig om een marifoon te kunnen installeren en gebruiken?

Om een marifoon te kunnen gebruiken moet je twee zaken regelen:

  • Je moet een bedieningscertificaat halen. (Basiscertificaat Marifonie) Er zijn tal van opleidingen en examenmogelijkheden te vinden.
  • Je moet je met dit bedieningscertificaat registreren bij het Agentschap Telecom. Hier zijn kosten aan verbonden. (34,- euro per jaar, december 2017). Het toegewezen identificatienummer dien je in te programmeren in je apparatuur. (De z.g. ATIS code)

Lees meer informatie over een marifoon aan boord.

Wat is AIS?

Het Automatic Identification System (AIS) is een wereldwijd systeem om automatisch schepen te identificeren en te volgen. Als je een AIS aan boord hebt, zie je van andere schepen, die ook AIS hebben, hun scheepsnaam, koers, snelheid en positie. Handig voor de navigatie. De andere schepen zien deze gegevens ook van jou. AIS is tegenwoordig verplicht op de beroepsvaart, niet voor de recreatievaart. Lees meer over AIS.

Heb ik een marifoon nodig aan boord?

Voor de beroepsvaart is een marifoon verplicht. Voor de recreatievaart niet. Toch is het voor de recreatievaart aan te raden een marifoon aan boord te hebben, vooral als je op groter water vaart, de grote rivieren en op vaarwater waar ook veel beroepsvaart aanwezig is. Je kunt met een marifoon makkelijk een ander schip aanroepen, bruggen en sluizen aanroepen en het vergroot je veiligheid in een noodsituatie. Lees meer over het gebruik van de marifoon


Preventie

Wat zijn de meest voorkomende problemen op het water?

Het meest voorkomende probleem op het water is, met stip, motorstoring. Een motorstoring kan ook direct gevaar opleveren, zeker als je op druk vaarwater vaart. Je bent met motorstoring immers stuurloos. Daarnaast zijn fouten in de navigatie, schade aan romp, roer, tuigage of schroef en slechte weersomstandigheden de belangrijkste oorzaken voor problemen op het water. Lees de top 5 van oorzaken voor reddingsacties door de KNRM en hoe je deze kunt voorkomen. Ook hebben een brochure over motorstoring gemaakt.

Ik wil voor het eerst op de Noordzee gaan varen, waar moet ik rekening mee houden?

Varen op de Noordzee stelt hoge eisen aan je vaardigheden, kennis en ervaring. Daarnaast moet je schip geschikt zijn om op zee veilig te kunnen varen. Lees meer in het artikel over ‘Varen op de Noordzee’.